Antwoorden van Quiz 1

Beste schutters en vrienden van Sint Gertrudis.

Lampje schutterij St. GertrudisBedankt voor jullie deelname aan de Quiz deel 1 Hier onder staan de antwoorden. Binnenkort kunnen jullie verder gaan met deel 2. Een dat met een vooruitzicht op een prachtige unieke prijs.

De eerste vragen die jullie beantwoord hebben zijn voor ons een pilot. Dat heeft vooral te maken met de
antwoorden over de oudste geschiedenis van de schutterij. Historische gegevens zijn niet altijd harde gegevens dus voor meerdere uitleg vatbaar. Je ziet dit terug in onze antwoorden.

Maar wij zijn zo objectief mogelijk en de computer die de antwoorden toetst en optelt liegt helemaal niet.


Antwoorden Sjutte-QUIZ deel 1:

1. Waarom wordt 1650 als oprichtingsdatum van Schutterij Sint Gertrudis genoemd:
Het oudste en enige harde bewijs van het bestaan is een zilveren koningsplaat uit 1650/1652.

Deze is nog steeds in het bezit van de schutterij.
Echter: ongeveer 70 jaar eerder rekruteerde Graaf Huyn “ Amstenraadse leden van de schutterij” voor het beleg van Maastricht. Het is onduidelijk misschien zelfs onwaarschijnlijk dat Amstenrade toen al een schutterij had. Het dorp was erg klein en telde slechts een handje vol bewoners. Er was wel een kasteel en een klein kapelletje. Van Oirsbeek was wel bekend dat het een schutterij had. Het is niet ondenkbaar dat deze Amstenraadse schutters lid waren in Oirsbeek.

In 1662 werd Amstenrade bezocht door de bisschop. In het zgn visitatieverslag wordt het bestaan van de schutterij beschreven. Dat klinkt heel logisch. De toenmalige Graaf Huyn was een verfent katholiek en steunde de contra-reformatie met alle mogelijke middelen. Het is niet ondenkbaar dat hij de bestaande schutterij, cq Amstenraadse schutters, bijeen geeft gebracht en heeft willen binden aan de RK. Op hetzelfde moment heeft hij nl ook de schutters van Geleen onder een schuttersvlag verzameld. De RK kerk wilde na de 80jarige oorlog groeien via een hechte band met de dorpsbewoners.

Leuk om te vertellen is op dit moment enkele leden van de schutterij onderzoek doen na de bouw en de historie van onze koningsvogel. Dit kan leiden tot vernieuwde blik op de historie.

2. Welk lid is vanaf 1945 het meeste keer koning geweest?
Zowel Cep Roberts als Harrie Leunissen hebben beiden 5 maal de vogel afgeschoten.

3. Hoe groot moet de afstand zijn tussen de verenigingen in de optocht
40 meter, plus of min 10 meter.

4. Raad de plaat.
De foto is gemaakt op weg naar de bus na afloop van het OLS in Eys 1983.
Omstanders dachten dat Amstenrade het OLS had gewonnen ???

5. Sinds wanneer heeft Sint Gertrudis een drumband en wie leidde deze in de eerste jaren?
De drumband in de huidige samenstelling, instrumentarium en muzieksoort, bestaat vanaf 1953. Initiatiefneemster was ondermeer Clim van Jenne (Roberts).

Voor WO2 had de schutterij enkele jaren een tamboer- en fluitenkorps. En de welbekende Thieske leidde nog eerder een tweetal trommels.

Bij de vraag naar de leiding wordt niet gevraagd naar de instructeur maar naar de tamboer-majoor, alhoewel deze persoon in het verleden soms beide functies had.

Sint Gertrudis kent vanaf 1953 heel wat tamboermajoors: (voor WO2 Joseph Lenders) daarna Gerrit Jonkers, Paul van Lochem, André Meijers, Wiel Knarren, Nico Kouwenberg, Paul Roberts en Jordy Poels.

Voor WO2 was het Thieske tamboer-majoor. Joep Lenders was, volgens de huidige tamboer-majoor, van de kleensjutterie (dus v.a. 1953).
 
Vanaf 1953 (start kleensjutterie) wordt er gesproken over een drumband aangezien de jeugdige leden van toen serieuzer en voor een lange tijd muziek begonnen te maken. Ook in de eerste jaren na WO2, had de schutterij nog 2 tamboers.
De drumband v.a. 1953 bestond uit meerdere tamboers. Later werd deze drumband uitgebreid met klaroenen en weer later werd overgestapt naar trompetten. Deze ontwikkelingen waren ook van invloed op de muzieksoort.