OLS uhhh

image
augustus 2012
Als eerste zag ik een schutter in een zwart uniform. Snel en met een rood hoofd worstelde hij zich haastig over het enorme grasveld door de mensenmassa. In de ene hand droeg hij een sabel en in de andere een trommeltje. Een klein jongetje in hetzelfde zwarte uniform rende huilend achter hem aan. De zon scheen en het voelde als 25 graden. In een zwart uniform nog wel meer.
image
Samen met enkele andere muzikantschutters moest ik op zoek naar het terrein met de rode vlag.  Exact 14:20 uur begon onze muziekwedstrijd. Bordjes wezen alle kanten op behalve naar het muziekterrein. Ik kon het veld niet vinden en de tijd begon te dringen. Ver weg van het feestterrein, verstopt achter een gammele voetbalkantine wapperde het rode vlaggetje. Hier zou niemand last hebben van onze muziek en wij niet van te veel toeschouwers.

Bij de ijskar zag ik de schutter weer in het zwarte uniform. In de ene hand droeg hij nog steeds zijn sabel. In de andere hand had hij een ijsje. Het trommeltje stond op de grond. De tranen van het huilende jongetje leken een beetje opgedroogd. Ook hij had een ijsje.

En opnieuw moest ik me op door een menigte van schutters haasten naar nummer 144 voor de optocht. Mijn zware instrumentenkoffer botste tegen de talloze schutters. Nerveuze gezichten accepteerden mijn ‘sorry’ maar ternauwernood.

Na de optocht liep ik tegen mijn achterneef aan. Een wonder in het gedrang van honderden mensen. Ik wilde hem feliciteren met zijn pas behaalde koningschap maar hij riep me toe dat hij snel naar zijn auto moest. Tijdens de optocht was hij op de onderrok van Els, zijn koningin, gaan staan. Het was gescheurd en in zijn auto lag een reserve onderrok. Het uittreden voor de koningsparen van zijn groep was al begonnen.

Terug op de feestweide zag ik alweer de schutter in het zwarte uniform. Het jongetje had een zakje frites vast, de man nog steeds de sabel en het trommeltje.
image
‘Warm hé?’ lachte ik hem toe. De man reageerde alsof mijn lach het eerste vriendelijke was wat hij vandaag hoorde. In de verte zag ik enkele vendelzwaaiers hun uiterste best doen om op een sierlijke manier hun vendel niet te laten vallen. Zij hadden al evenveel toeschouwers als de drumbands.

Ik betrap me er regelmatig op dat ik wat nukkig wordt als ik aan het OLS denk. En dat liet ik de man in zijn zwarte uniform, waar ik inmiddels mee aan de praat was, merken.

‘…..als we het ZLF nu eens als voorbeeld stellen’, zei de man, ‘dat is een succesformule. Alle onderdelen, hoofd- en bijwedstrijden worden daar gelijk gewaardeerd.  Als ze nu ook eens een NoordLF, WestLF (BelgischLimburg) en van mijn part, een OostLF (Selfkant) organiseren. Dan kunnen we, vooraf geclassificeerd en gekwalificeerd, alle disciplines van de schutterijen met elkaar vergelijken.

‘…………en de verbroederingsgedachte van het OLS dan?’

‘Verbroedering?, in ieder geval niet met mijn zoontje’, lachte de man. ‘en zeker niet met Els’, zei mijn koninklijke achterneef, die zich inmiddels ook bij het praatgroepje had gemeld.

‘En absoluut niet met de organisatie van het muziekgebeuren’ riep een passant in groen uniform, gele pluim en met een blinkende hoorn onder zijn arm.

En toch heb ik een fantastisch gevoel als ik hier tussen al die honderden schuttebroeders loop, dacht ik stil, zonder de discussie te storen.

Hoe weet ik nou of we succes hebben met onze nieuwe muziek als ik het niet kan vergelijken met andere gelijk gestemde drumbands?
Hoe weet het (te) zeer ervaren, grijze, excertitie peloton of ze nog mee kunnen met de anderen?
Hoe weet die vendelier nu of hij het goed doet als hij alleen maar op de binnenplaats oefent?
En aan wie kunnen de sappeurs en zoetelaarsters zich tonen?
Hoe weet de generaal of hij een echte waardige uitstraling heeft of er als schandaal bij loopt?

Ik geniet van de prachtige opening en de vlaggenparade. Met duizenden toeschouwers zonder supportersgeweld.

En zelfs, ………dacht ik,….ik hoef toch niet met een wedstrijd mee te doen. Dit heet toch schuttersfeest en niet schutterswedstrijd. Alleen al de aanblik van al die mensen die dezelfde maffe hobby hebben, stemt al tot vreugde.En ik hoor erbij…….!

‘Maar moet dat dan elk jaar?’ vroeg mijn koninklijke achterneef.

Misschien is een feest om de paar jaar wel het ultieme hoogtepunt.  De winnaars van de federatiefeesten kunnen heel broederlijk met elkaar strijden. En alle schutterijen tonen zich moeiteloos aan elkaar, met al hun typische eigenaardigheden en rare gewoontes.

Als je dit om de zoveel jaar doet, organiseer je een schaarste die de waarde van dit festijn alleen maar verhoogt.
En wie gaat dat regelen?

Het OLS? Uhhh.

 

 

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *